Prioriteit Kenniseconomie

Dreiging

nadere informatie: Jules Ruis


Terug naar Index Prioriteit Kenniseconomie



Peter Schalk:

Vertrek productie bedreigt economie wel degelijk
15-01-2004

De productie brengen we naar lagelonenlanden, maar kernfuncties als marketing en onderzoek en ontwikkeling houden we in eigen hand. Met die boodschap stellen politici zichzelf graag gerust. Maar het kon wel eens een kapitale vergissing blijken.

De industrie verandert razendsnel. Nederlandse fabrikanten van eindproducten ontwikkelen zich in dit stormachtige landschap steeds meer tot kop-staart-bedrijven, die arbeidsintensieve delen van de productie uitbesteden – de meest arbeidsintensieve delen in lagelonenlanden. Veel vaderlandse beleidsmakers verzoenen zich met dit verlies van productiewerk in eigen land, want – zo is de gedachte – om overeind te blijven moet de industrie kostprijzen verlagen. Als we er nu maar voor zorgen dat we een sprong maken in de kenniseconomie, dan houden we in elk geval de vitale delen (regie, onderzoek en ontwikkeling en marketing) vast in Nederland. Dit is een vergissing die ons duur kan komen te staan. Waarom? Even wat feiten. Van de private uitgaven op het gebied van onderzoek en ontwikkeling komt 80 procent voor rekening van de industrie. Recent onderzoek van Deloitte & Touche onder 600 grote Europese en Amerikaanse industriële bedrijven toont aan dat deze ondernemingen 35 procent van hun omzet halen uit producten die in de voorafgaande drie jaar zijn geïntroduceerd. Innovatie en maakindustrie zijn dus onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarover zijn we het gauw eens. Maar dan scheiden de geesten. Nederland wil een internationaal vooraanstaande (om niet te zeggen unieke) positie claimen als kennisbolwerk voor de maakindustrie. Daarover wordt soms gesproken met een naïeve vanzelfsprekendheid. Alsof de internationale kennisconcurrentie Nederland zonder slag of stoot het voorrecht zal gunnen om een exclusief kenniseiland te vormen. Alsof lagelonenlanden zich definitief tevreden zullen stellen met het handwerk dat we daarheen brengen. Een andere foutieve inschatting is die van de vermeende honkvastheid van het creatieve hart van de maakindustrie. Hetzelfde onderzoek van Deloitte & Touche laat zien dat 36 procent van de onderzochte bedrijven na productie ook productontwikkeling en engineering binnen drie jaar van hun thuismarkt gaat verplaatsen naar populaire landen als Mexico en China. Wat doet de Nederlandse overheid intussen? In oktober 2003 verscheen als vervolg op een verkennende studie van het Centraal Planbureau (De peilers van de kennniseconomie, 2002) de Innovatiebrief van het ministerie van Economische Zaken. Voor het programma dat in de brief wordt aangekondigd is een bedrag van 800 miljoen euro gereserveerd – geld dat gaat rollen voor kenniswerkers, universitaire entrepreneurs, technostarters, middelgrote en kleine bedrijven met potentie en strategische innovatiegebieden. Allemaal gericht op productontwikkeling – alsof je een nieuw ASML op deze wijze kunt afdwingen. En hoeveel regio’s in Europa zijn niet hetzelfde wiel aan het uitvinden? Nauwelijks aandacht is er voor elementen die tot kostprijsverlaging kunnen leiden. En dat terwijl we weten dat juist dát aspect leidt tot productieverplaatsing naar lagelonenlanden. Waarom is er geen aandacht voor het optimaliseren van productieprocessen, voor productiviteitsverhogingen en organisatorische verbeteringen die kostenvoordeel opleveren en wellicht productiewerk binnen onze landsgrenzen kunnen houden? Waarom gokken we uitsluitend op de jarenlange pijplijnen van productinnovaties? Ik zou het niet weten. Ik weet wel zeker dat we ons deze zelfoverschatting niet kunnen permitteren.

Peter Schalk is vice-voorzitter van de Kamer van Koophandel Zuid-Limburg. Hij was tot vorig jaar directeur bij Nedcar. Schalk is ook lid van het Industrieel Platform Zuid Nederland, een initiatief van Limburgse Werkgevers Vereniging en de Brabants-Zeeuwse Werkgeversvereniging.

Auteur(s): Peter Schalk
forum@vno-ncw.nl

Bron: Forum (15-01-2004)


Terug naar de top van deze pagina